home kwesties arbeidsparticipatie Arbeidsparticipatie in Vlaanderen

Arbeidsparticipatie in Vlaanderen

Cijfers

Beleid  

Meer lezen  

Cijfers (laatste update: december 2010)

Werkzaamheidsgraad (2009)

De werkzaamheidsgraad staat voor de verhouding tussen het aantal werkenden en de populatie in beroepsactieve leeftijd (15 tot 64 jaar). 

Werkzaamheidsgraad (2009)  Vlaams Gewest (%)  België (%)
Vrouwen  60,5  56,0 
Mannen
 70,9 67,2

De hogere werkzaamheidsgraad bij de mannen toont aan dat er nog altijd meer mannen aan het werk zijn dan vrouwen. In Vlaanderen werkt 70,9 % van de mannen tegenover 60,5 % van de vrouwen. In België werkt 67,2 % van de mannen en 56,0 % van de vrouwen.

Bron: Werk en Sociale Economie Vlaanderen: Steunpunt WSE - LFS/EAK  ,2010

 

Werkzaamheidsgraad per leeftijd - Vlaanderen (2009)

Werkzaamheidsgraad per leeftijd

Het verschil in werkzaamheid is het grootst bij de leeftijdsgroepen van 50 tot 64 jaar. Wellicht verlaten vrouwen de arbeidsmarkt op jongere leeftijd. De pensioenleeftijd van vrouwen is bovendien nog maar recentelijk gelijkgesteld met die van mannen. De verschillen in deze leeftijdsgroepen kunnen ook te wijten zijn aan het groter aandeel huisvrouwen in de oudere generaties.

Bron: FOD Economie – ADSEI – EAK (bewerking Departement WSE/Steunpunt WSE) in: Werk.be

Evolutie van de werkzaamheidsgraad -Vlaanderen

 Evolutie werkzaamheidsgraad

De werkzaamheidsgraad van vrouwen kent vooral vanaf de jaren ’70 een sterke, constante stijging.


Bron: Genderjaarboek 2007: M/V United 1: in cijfers.

Werkloosheidsgraad (2010) 

De werkloosheidsgraad staat voor het percentage werklozen in de beroepsbevolking van 15 tot 64 jaar. 


werkloosheidsgraad 2009  Vlaanderen België
vrouwen (%)
 3,9  6,7
mannen (%)
 3,9  6,5

In 2009 had 3,9 procent van de vrouwen op de Vlaamse arbeidsmarkt geen werk, hetzelfde cijfer gold voor mannen. In België ligt de werkloosheid nog hoger: 6,7 % van de beroepsactieve vrouwen is werkloos en 6,5 % van de mannen.

 

werkloosheidsgraad 2007  Vlaanderen België
vrouwen (%)
 4,3  7,2
mannen (%)
 3,1  5,7

 

In 2007 was het verschil tussen vrouwelijke en mannelijke werkloosheid groter. Betekent dit een evolutie naar meer gelijke kansen bij het zoeken naar een job? De Vlaamse cijfers die de VDAB reeds beschikbaar heeft voor 2010 spreken dit tegen: 

jaarverschil werkloosheid

 

 

De conjunctuurgevoelige mannelijke werkloosheid steeg door de crisis sneller dan de vrouwelijke. Omgekeerd profiteren de mannen nu  het eerst van het betere economische klimaat.

Sinds september 2010 krimpt de mannelijke werkloosheid en pas in november is er een eerste daling van de vrouwelijke werkloosheid.

Vlaanderen telt sinds de crisis meer mannelijke dan vrouwelijke werkzoekenden. Toch  stijgt de vrouwelijke werkloosheidsgraad nog steeds uit boven de mannelijke.

 

 

 

Bron:

Werk en Sociale Economie Vlaanderen: Steunpunt WSE - LFS/EAK, 2010
VDAB Werkloosheidsbericht november 2010 

 

Deeltijdse Arbeid (2008)

aandeel deeltijdse arbeid

In 2008 werkte in Vlaanderen 42,7 % van de werkende vrouwen deeltijds tegenover 7,1 % van de mannen.

In België werkte in 2008 40,8 % van de werkende vrouwen deeltijds tegenover 7,5 % van de werkende mannen.

In 2008 waren er dus nog altijd veel meer deeltijds werkende vrouwen dan mannen. De belangrijkste reden voor vrouwen om deeltijds te werken is de zorg voor en de opvoeding van de kinderen. Naarmate het aantal kinderen toeneemt, werken meer vrouwen deeltijds. Maar ook wanneer de kinderen uit het huis zijn, blijven vrouwen deeltijds werken, met nog steeds als voornaamste reden de zorg voor het huishouden en/of de zorg voor oudere familieleden of voor de kleinkinderen. De voornaamste reden voor mannen om deeltijds te werken is dat zij geen ander werk vinden.

Bron: FOD Economie – ADSEI – EAK, Eurostat LFS (bewerking Departement WSE/Steunpunt WSE) in: Werk.be

Discriminatie en Mobbing (2005)

SD WORX onderzocht in 2005 in welke mate mannen en vrouwen met discriminatie werden geconfronteerd. Maar liefst 39 % van de bevraagde vrouwen had ooit negatieve discriminatie ondervonden op de werkplek, tegenover 28 % van de mannelijke respondenten.  

cijfers mobbing 

SD WORX deed ook een onderzoek naar hoe vaak mannen en vrouwen op het werk last hebben van fysiek geweld, pesterijen of ongewenste seksuele intimidatie. Uit het onderzoek blijkt dat vrouwen opvallend meer geconfronteerd worden met ongewenste seksuele intimiteiten: 7% vrouwen versus 1 % mannen. Er is geen opvallend verschil tussen mannen en vrouwen wat fysiek geweld en pesterijen betreft.

 

Bron: Genderjaarboek 2006: M/V United 1: in cijfers.

Horizontale segregatie (2009)

Vrouwen zijn niet verspreid over dezelfde sectoren en beroepen als mannen.


 Aandeel vrouwen
in beroepen (2009)

   

 Aandeel mannen
in beroepen (2009)

 
 Huishoudelijke
schoonmaakster
 98,8%                Bestuurder grondwerk-
en bouwmachines
>99%
 Kleuterleidster  98,4%    Bouwvakker  >99%
 Kinderoppas en
gezinshelper
 97,8%    Loodgieter  >99%
 Directiesecretariaat  96,2%    Elektricien  >99%
 Ziekenverzorgser
en hulpverpleging
 93,2%    Havenarbeider, scheeps-
lader en -losser
 98,8%
Verpleegster
87,5%
   Brandweerman  98,0%
Kapper en
schoonheidsspecialiste
83,7%    Schrijnwerker,
parketlegger
 97,9%
Kassierster,
loketbediende
81,4%    Ingenieur  91,1%
Receptionist 81,1%    Opzichter en ploegbaas  89,3%
 Leerkracht lager
onderwijs
79,6%    Informaticus,
systeemanalist
 87,1%

Bron: FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie

Verticale segregatie: het glazen plafond (2010)

Voor bijna alle sectoren is er een tekort aan vrouwen aan de top.Van de 44 sectoren in de industrie en marktdiensten, hebben er 10 minder dan 0,5% vrouwen in leidinggevende functies. Het glazen plafond is het dikst in de sector van de vervaardiging van bont en kleding: terwijl vrouwen bijna 80% uitmaken van de werknemers, zijn ze niet terug te vinden op het directieniveau.

Ook in de sectoren van de tabaksproductie, de leerverwerking, textielnijverheid bestaat er een zeer grote verticale segregatie, net zoals in de hulpbedrijven van financiële instellingen en de kleinhandel.

De vrouwen die er wel in slagen het ‘glazen plafond ’ te doorbreken worden geconfronteerd met een grote loonkloof : 34% bij directeurs en beheerders en 14% bij bedrijfsleiders en kaderleden bij de directie.


Meer cijfers over vrouwen aan de top: Kwestie: Bestuursraden en In het nieuws: Quota bestuursraden

Meer cijfers over de loonkloof: de kwestie Loonkloof.

Bron: De loonkloof tussen vrouwen en mannen in België - Rapport 2010 - pdf  - Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen, 2010

 

Beleid 

  • In 1900 erkent de Belgische wet het spaarrecht van de gehuwde vrouw en de bevoegdheid om een arbeidscontract af te sluiten en haar loon te innen.
  • 1971: arbeidswet betreffende het verbod op ontslag in geval van zwangerschap.
  • In 1974, wet op gelijkheid bij ouderschap: gelijke bevoegdheid aan vader en moeder voor opvoeding van de kinderen.
  • 1974: Oprichting van de Commissie Vrouwenarbeid bij het Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid, bevoegd voor de gelijke kansen van vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt. De commissie brengt adviezen uit, verricht onderzoek en stelt maatregelen voor over alles wat te maken heeft met vrouwenarbeid.  De commissie bestaat uit vertegenwoordigers van de ministeries, van werknemers- en werkgeversorganisaties en uit deskundigen.
  • 1980: naar aanleiding van de economische crisis wil Minister De Wulf een hele reeks crisismaatregelen nemen die nadelig zijn voor vrouwen. Het actiecomité “Vrouwen tegen de Krisis” wordt opgericht. vrouwen tegen de crisis Zij organiseerden vier (1981-1984) betogingen tegen de crisismaatregelen:
    • Ze protesteerden tegen de vermindering van het dopgeld voor niet-gezinshoofden en de afschaffing ervan voor langdurig werklozen (3 jaar). 95 % van de werkloze vrouwen was 'niet-gezinshoofd'.
    • Ze verzetten zich tegen de uitbreiding van part-time werk. Dat wordt opgedrongen aan vrouwen en werkt rolbevestigend. Ze eisen een algemene werktijdverkorting om het beschikbare werk te herverdelen.
    • Ze vinden dat lonen niet losgekoppeld mogen worden van de index.
    • Ze verzetten zich tegen belastinghervormingen die enkel rekening houden met het gezin en niet langer met het individu.
  • 1983: CAO van de Nationale Arbeidsraad over het verbod op discriminatie bij aanwerving.
  • 1986: oprichting van de Emancipatieraad, een raad samengesteld uit vertegenwoordigers van verschillende vrouwenorganisaties. De raad heeft als taak adviezen uit te brengen, onderzoek te verrichten en wettelijke maatregelen voor te stellen die betrekking hebben op de emancipatie van vrouwen.
  • 1990: wet ter bevordering van de evenwichtige aanwezigheid van mannen en vrouwen in organen met adviserende bevoegdheid.
  • In 1993 ontstaat de Raad van de Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen. Het is een samenvoeging van de Commissie Vrouwenarbeid en de Emancipatieraad. De Raad is een adviesorgaan van de Federale Overheid. Neem een kijkje op de website.
  • 7 mei 1999: wet op de gelijke behandeling van mannen en vrouwen ten aanzien van de arbeidsvoorwaarden, de toegang tot het arbeidsproces, de beroepsopleiding en de promotiekansen
  • 11 juni 2002: wet betreffende de bescherming tegen geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk.
  • Tegen 2010 wou de Vlaamse overheid in navolging van de Europese richtlijnen een vrouwelijke werkzaamheidsgraad van 60 % bereiken. Dat streven werd bekrachtigd in 2001 met het Pact van Vilvoorde, dat 21 doelstellingen bevat die in 2010 verwezenlijkt moesten zijn. De doelstelling in verband met de vrouwelijke werkzaamheidsgraad is vandaag alvast bereikt. 

Meer lezen

Aanraders uit de RoSa bibliotheek

cover vrouwen en mannencover genderjaarboek 2006cover genderjaarboek 2007cover genderjaarboek 2008

  • Vrouwen en mannen in België. Naar een egalitaire samenleving. Federaal Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid, 2001. (RoSa exemplaarnummer M/0222)
  • Genderjaarboek 2006: MV united: 1) In cijfers. A. Leyman, T. Kuppens, M. Van Aerschot. Steunpunt Gelijkekansenbeleid, 2006. (RoSa exemplaarnummer EII a/0621)
  • Genderjaarboek 2007: MV united: 1) In cijfers. A. Van Woensel. Steunpunt Werk en Sociale Economie, 2007. (RoSa exemplaarnummer P8/0569) Ook beschikbaar online - pdf (1.4 mb).
  • Genderjaarboek 2008: MV united : 1) Monitor: arbeid in vele vormen combineren. N. Steegmans, E. De Bruyn, T. Marynissen. ESF-Agentschap, Departement Werk en Sociale Economie, 2008. (Rosa exemplaarnummer EI a/0185) Ook online beschikbaar.

 
Bookmark and Share