home kwesties arbeidsparticipatie Arbeidsparticipatie

Arbeidsparticipatie

 

Arbeidsparticipatie?   Anne Taintor, huisvrouw

Historisch

Gevolgen

    arbeid-zorg   

    mobbing

    segregatie

    loonkloof

Meer Lezen

 

Arbeidsparticipatie

Het aantal betaald werkende vrouwen op de nationale en internationale arbeidsmarkt is de laatste jaren sterk gestegen. De ondervertegenwoordiging van vrouwen op de arbeidsmarkt is stilaan aan het verdwijnen. Dit proces wordt ook wel de feminisering of vervrouwelijking van de arbeidsmarkt genoemd.

Toch is de situatie van vrouwen op de arbeidsmarkt niet ideaal. Er zijn ten eerste nog steeds meer mannen aan het werk dan vrouwen. Vrouwen zijn daarnaast ondervertegenwoordigd in bepaalde sectoren en ze ondervinden moeilijkheden om door te stoten naar topfuncties in bedrijven. Ten slotte betekent de vervrouwelijking van de arbeidsmarkt ook een hele aanpassing voor mannen. Vaak verloopt die niet zo eenvoudig; seksuele intimidatie, discriminatie en pesten op het werk zijn de gevolgen. Vooral discriminatie ten opzichte van zwangere vrouwen is een frequent probleem.

Historisch

Vóór de jaren ‘70 was betaalde arbeid voor vrouwen niet vanzelfsprekend. Feministen hebben lang strijd gevoerd tegen het kostwinnersmodel, waarbij mannen voor het inkomen zorgen terwijl vrouwen huishoudelijke taken op zich nemen. Vrouwen werden als “angels in the house” verbannen naar de haard.

De overheid ondersteunde het kostwinnersmodel met regelingen rond belasting en sociale zekerheid. De belastingsdruk voor ongehuwden lag bijvoorbeeld heel hoog. De gehuwde man had de hoogste belastingvrije voet (=deel van het inkomen waarvoor geen belasting moet worden betaald), waardoor getrouwde vrouwen minder geneigd waren om zelf te gaan werken. Zij konden ook geen aanspraak maken op uitkeringen bij werkloosheid of ziekte. Het belangrijkste argument daarbij was dat vrouwelijke verdiensten ‘bijverdiensten’ zijn. 

Vrouwen die bij de overheid werkten, moesten zelfs ontslag nemen zodra ze trouwden. Ook elders nam men liever geen getrouwde vrouwen in dienst. Feministen hebben echter gaandeweg rechten afgedwongen die de positie van vrouwen op de arbeidsmarkt hebben verbeterd. Over deze rechten kan je meer lezen onder beleid in Vlaanderen.

Sinds de jaren ‘70 is de werksituatie van vrouwen totaal veranderd. Daar zijn verschillende verklaringen voor:

-De brede maatschappelijke steun voor de emancipatiegedachte  

-De verplaatsing van het zwaartepunt van onze economie naar de dienstensector 

In de landbouw- en industriesector waren voornamelijk mannen actief.
Die uitbreiding van de dienstensector deed bovendien de vraag naar - vaak deeltijdse - arbeidskrachten enorm toenemen. Hiervoor deed men een beroep op de grote groep niet-beroepsactieve vrouwen.

-De overgang van een kostwinners- naar een tweeverdienerssamenleving

De overgang werd ondersteund door hervormingen in de fiscaliteit en sociale voorzieningen: de anne taintor, huisvrouwuitbreiding van de kinderopvangvoorzieningen en van verlofregelingen werkte de arbeidsparticipatie van vrouwen positief in de hand. Ook maatregelen zoals glijdende werktijden, arbeidstijdverkorting, deeltijdse arbeid en loopbaanonderbreking deden het aantal vrouwen op de arbeidsmarkt toenemen. Een tweede inkomen is tegenwoordig overigens vaak noodzakelijk om financieel rond te komen.

Toch verliep de overgang voor vrouwen niet altijd vlekkeloos. In 1976 werd de SPT ingevoerd, de Sociaal Pedagogische Toelage. Dat is een financiële toelage voor moeders die thuis blijven. De maatregel verdeelde de publieke opinie. Voorstanders zagen er een erkenning in van de economische waarde van huishoudelijk werk en van de opvoedende taak. Bovendien gaf de maatregel vrouwen de vrije keuze: vrouwen die liever voor hun kinderen zorgden, zouden financiële vrijheid krijgen. Tegenstanders ontmaskerden de SPT als een middel om vrouwen terug naar de haard te lokken. De SPT zou vooral het heersende rollenpatroon wettelijk bevestigen en verstevigen.

-Steun vanuit het beleid, zowel op Vlaams, Federaal als Europees niveau

Vanaf 1985 komt de institutionalisering inzake emancipatie echt op gang: ‘gelijke kansen’ wordt een regeringsbevoegdheid. Miet Smet is van 1985-1992 Staatssecretaris voor Leefmilieu en Maatschappelijke Emancipatie, en vervolgens tot 1999 Minister van Arbeid en Tewerkstelling. Tijdens haar regeerperiode werd aandacht besteed aan onderwijs en studiekeuzes, gelijk loon voor gelijk werk, functieclassificaties, nachtarbeid, moederschapsbescherming en ongewenst seksueel gedrag op het werk. Er werden ook positieve acties georganiseerd. Dat zijn initiatieven op allerlei niveaus die vrouwen ondersteunen in het bereiken van posities en kansen die gelijk zijn aan die van mannen.

Een recente strategie ter bevordering van de emancipatie is gender-mainstreaming of gewoon mainstreaming, wat wil zeggen dat in alle legale en sociale normen en in elke vorm van beleidsontwikkeling, onderzoek en planning rekening gehouden moet worden met gender. Tijdens de Wereldvrouwenconferentie van Peking in 1995 werd mainstreaming als dé strategie naar voren geschoven om gelijkheid tussen mannen en vrouwen tot stand te brengen.

Gevolgen

De verwachtingen inzake arbeidsparticipatie zijn nog niet helemaal ingelost. Ondanks de toename van het aantal vrouwen op de arbeidsmarkt blijft de verdeling van arbeid volgens het geslacht behouden, zowel op het niveau van de sectoren als van de activiteiten zelf. Er is ook een contrast tussen de stijgende scholingsgraad van vrouwen en het geringe aantal topfuncties die zij bekleden. En er gaapt nog steeds een loonkloof tussen mannen en vrouwen.

Arbeid-zorg

Anne Taintor, zorgarbeidVrouwen die evenveel werken als mannen nemen toch nog steeds het grootste deel van de huishoudelijke taken op zich. Vrouwen tussen 19 en 65 jaar besteden per week 10 uur meer tijd aan huishoudelijk werk dan mannen (bron IGVM). De combinatie beroepsleven en gezin veroorzaakt tijdsdruk, die veel vrouwen proberen te verlichten door deeltijds te werken of door hun loopbaan te onderbreken. Dit werkt dan weer de loonkloof tussen mannen en vrouwen in de hand. Meer lezen over de problematiek van arbeid-zorg.

Mobbing

Sinds de komst van vrouwen op de arbeidsmarkt is er een toename van ‘mobbing’, wat staat voor ongewenst vijandig gedrag op de werkvloer. Dat omvat pesterijen, ongewenste seksuele intimiteiten, discriminatie, fysiek en moreel geweld. Zowel mannen als vrouwen zijn het slachtoffer van mobbing, maar studies wijzen uit dat het vaker voorkomt bij vrouwen.

Vooral zwangere vrouwen krijgen heel vaak te maken met discriminatie. Op het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen komen geregeld klachten binnen over discriminatie binnen de arbeidssfeer op grond van zwangerschap en moederschap. Zwangere of pas bevallen vrouwen zijn wettelijk beschermd, maar de discriminatie komt pas na die beschermde periode. De vrouwen worden na hun bevallingsverlof ontslagen of ze krijgen een minder interessante positie of moeilijke uren die ze niet kunnen combineren met hun gezinsleven.

Ook in het buitenland leeft de problematiek heel sterk. In de Verenigde Staten werd een proces aangespannen tegen het mediabedrijf Bloomberg, opgericht door de burgemeester van New York, Michael Bloomberg. Het bedrijf zou systematisch zwangere vrouwen discrimineren. Maar liefst 58 vrouwen beschuldigen Bloomberg van discriminatie op grond van zwangerschap. Volg het proces via RoSa’s vrouwennieuws.

Het IVGM wil dat er meer sensibilisering komt bij de werkgevers om de meest competente mensen aan te werven, ongeacht een zwangerschap.

Europa werkt momenteel aan een betere bescherming van zwangere vrouwen op de werkvloer. Een Europees wetsvoorstel zegt: ‘vrouwen hebben aan het eind van hun moederschapsrust recht om het werk te hervatten aan equivalente werkvoorwaarden'.

Segregatie

Horizontale Segregatie is de ongelijke verdeling van mannen en vrouwen over verschillende sectoren.

Verticale Segregatie is de ondervertegenwoordiging van vrouwen in hogere functies.

Loonkloof

Vrouwen mogen dan wel meer en meer toetreden tot de arbeidsmarkt, er is nog altijd een opvallende loonkloof tussen mannen en vrouwen. Op de RoSa website is een volledige kwestie gewijd aan de loonkloof. Hier wordt dieper ingegaan op functieclassificaties.

“Gelijk loon voor gelijk werk” betekent dat functies van gelijke waarde gelijk betaald worden. Om die waarde te bepalen worden functies vergeleken en gewaardeerd, wat resulteert in functieclassificaties, een hiërarchische rangorde van functies. Functiewaarderingssystemen en classificaties lijken objectief en wetenschappelijk, maar ze bevatten vaak discriminerende elementen of ze zijn te vaag opgesteld, waardoor werkgevers ruimte krijgen voor discriminatie.

Directe functiewaarderingsdiscriminatie is het lager waarderen van functies die vooral door vrouwen worden uitgevoerd in vergelijking met functies die vooral mannen aantrekken. Indirecte functiediscriminatie is het niet waarderen of laag quoteren van vaardigheden voor functies waarin vrouwen werken (zoals inlevingsvermogen, precisie).

De meeste functiewaarderingssystemen zijn ontstaan uit de traditie. Ze zijn bijgevolg niet langer up-to-date. Het criterium “fysieke krachtinspanning” bijvoorbeeld krijgt in bepaalde systemen veel gewicht. Recente evoluties in de techniek maken dit –overwegend ‘mannelijk’- criterium echter minder belangrijk. Daarentegen is het criterium “economische verantwoordelijkheid” steeds relevanter geworden. Dat criterium is belangrijk voor functies die vaak door vrouwen ingevuld worden.

Er zijn verschillende soorten functiewaarderingssystemen. Uit onderzoek is gebleken dat analytische functieclassificaties het principe van ‘gelijk loon voor gelijk werk’ het beste kunnen garanderen. Hierbij worden functies gewaardeerd volgens meerdere functiekenmerken of criteria aan de hand van een puntenschaal. Het totale aantal punten geeft de relatieve zwaarte van de functie weer. De waardering gebeurt dus onafhankelijk van de persoon die de functie uitvoert en de manier waarop hij/zij de taken uitvoert. Andere systemen zijn gebaseerd op een vergelijking tussen functies, wat minder objectieve resultaten oplevert.

Het Instituut voor Gelijkheid van Mannen en Vrouwen ontwikkelde een praktische handleiding om tot een sekseneutrale functiewaardering te komen: Sekseneutrale Functieclassificatie. Handleiding.
 
Het IGVM heeft ook nog:


Meer lezen  

Aanraders uit de RoSa bibliotheek

Imagecover kostwinners naar tweeverdienerscover pregnancy discriminationcover sekseneutrale functieclassificatie 

  • Naar een correcte verloning van uw functie. Opleidingspakket voor gelijke kansen en functiewaardering. M. Smet, Minister van Tewerkstelling en Arbeid en Gelijkekansenbeleid, 1997. (RoSa exemplaarnummer EII f/0111)
  • Het kostwinnersmodel voorbij? Naar een nieuw basismodel voor de arbeidsverdeling binnen de gezinnen. W. Van Dongen, E. Vanhaute, K. Pauwels, 1998. (RoSa exemplaarnummer EI d/0024)
  • Pregnancy Discrimination at work: a qualitative study. S. Davis, 2005. (RoSa exemplaarnummer EII a/0564)
  • Sekseneutrale functieclassificatie. Handleiding. Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, 2006. (RoSa exemplaarnummer EIIf/162)

Op de RoSa website 

In de bibliotheek

Nog meer publicaties over arbeidsparticipatie kan je gratis ontlenen in de RoSa bibliotheek. De bibliotheekcatalogus kan je online doorzoeken. Volgende trefwoorden zijn hier alvast relevant:


 
Bookmark and Share