Vrouwenstemrecht
Belgische vrouwen kregen pas in 1948 volledig stemrecht. In vergelijking met andere Europese landen is dit vrij laat. Alhoewel stemrecht voor vrouwen een oude eis is, was ze voor de eerste golf feministen niet onmiddellijk een prioriteit. Zij wilden eerst werk maken van juridische en economische gelijkheid. In 1892
ontstaat La Ligue belge du Droit des Femmes, de eerste
feministische organisatie van België. Andere organisaties volgen.
Vrijwel allemaal willen ze eerst werk maken van de economische emancipatie van
de vrouw, het vrouwenstemrecht wordt als ‘voorbarig’ bestempeld.
Bij het ontstaan van België gold het
cijnskiesstelsel, dat stemrecht koppelt aan het belastingsniveau. Stemrecht was er uitsluitend voor mannen ouder dan 25 jaar. In 1893 werd dit herzien: Het
cijnskiesrecht wordt vervangen door het algemeen meervoudig stemrecht, alleen
voor mannen. Een gemiste kans voor vrouwen. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1895 onderneemt de Ligue
een eerste actie voor vrouwenstemrecht. Zonder succes voert de Ligue aan
dat gemeenten samengesteld zijn uit gezinnen, waarin de vrouw de centrale rol
vervult.
 . In de jaren voor de
Eerste Wereldoorlog raakt de eis tot vrouwenstemrecht ingekapseld in de
electorale strategie van de traditionele politieke partijen. Het succes van de
Belgische Werkliedenpartij (BWP) en de invoering van de evenredige
vertegenwoordiging ter vervanging van het meerderheidsstelsel in 1899, schudt
de politieke kaarten grondig door elkaar. Dit heeft ook gevolgen voor het
vrouwenstemrecht. Om haar electorale positie te behouden begint de katholieke
partij het vrouwenstemrecht te verdedigen. De partij rekent op de invloed van
de kerk op het vrouwelijke stemgedrag. Uit vrees voor datzelfde conservatieve
stemgedrag laten de socialisten op hun beurt hun steun voor het vrouwenstemrecht vallen, ook zij die principieel voor het idee gewonnen zijn.
Als gevolg
van de meningsverschillen ontstaan binnen de zuilen verschillende
vrouwenorganisaties, met elk hun eigen accenten. Toch ontwikkelt zich in 1913
een gemeenschappelijk feministisch front voor het vrouwenstemrecht. De
activiteiten van de Fédération belge pour le Suffrage des Femmes worden
algauw door de Eerste Wereldoorlog gedwarsboomd. Feministische eisen verdwijnen
naar de achtergrond.
Na de oorlog flakkert
de discussie voor of tegen het vrouwenstemrecht weer op. Tijdens het
interbellum wordt de deur schoorvoetend op een kier gezet. Bij de invoering van
het algemeen enkelvoudig stemrecht in 1919 krijgen vrouwen alvast weinig
erkenning voor hun oorlogsinspanningen. Met uitzondering van vrouwen die
omwille van verzetsdaden gevangen zaten, niet-hertrouwde weduwen of moeders van
gesneuvelde soldaten, mogen vrouwen nog altijd niet gaan stemmen. Begin jaren
'20 wordt het door mannen gedomineerde
politieke bedrijf een eerste keer doorbroken. In 1920 verwerven de
vrouwen stemrecht voor de gemeenteraadsverkiezingen. Een jaar later mogen ze
zich ook kandidaat stellen voor de gemeenteraad (februari 1921), de provincieraad
en het parlement en een ambt als schepen of burgemeester opnemen (augustus
1921).
Feministische organisaties starten campagnes om vrouwen een politiek
bewustzijn bij te brengen, terwijl de politieke partijen hun propaganda
afstemmen op het nieuwe vrouwelijke electoraat. Ze benadrukken vooral de rol
van vrouwen als huisvrouw, echtgenote en moeder. Vrouwen veroorzaken met hun
eerste stappen in de politiek geen grote verschuivingen: ze volgen veelal het
stemgedrag van hun man én, belangrijker, stemmen niet op vrouwen.
Na de Tweede
Wereldoorlog wordt de legitimiteit van het vrouwenstemrecht niet meer in
twijfel getrokken. De oude discussies en de onstabiele politieke toestand
zorgen nog voor enige vertraging, maar uiteindelijk verwerven de Belgische vrouwen
bij wet van 27 maart 1948 stemrecht voor de parlementsverkiezingen en vier
maanden later ook voor de provincieraadsverkiezingen. Vrouwen brengen voor het
eerst effectief hun stem uit bij de parlementsverkiezingen van juni 1949.
Meer lezen: Aanraders uit de RoSa bibiotheek:

Tien vrouwen in de politiek : de gemeenteraadsverkiezingen van 1921. Claudine Marissal, Catherine Jacques,Ilse Gesquièr, 1994. (RoSa exemplaarnummer:FII b/0257 )
Stap voor stap : geschiedenis van de vrouwenemancipatie in Belgie. Denise Keymolen, Marie-Thérèse Coenen, 1991. (RoSa exemplaarnummer:FII m/0222 )
Vrouw en politiek in België. Gubin en Van Molle, 1998. (RoSa exemplaarnummer:FII b/0410 )
Lees ook
Het Geheugen: Stem vrouw!
Kwesties: politieke participatie
illustraties:
affiche KAV: KAV-maandblad, 1949
spotprent: In het stemhokje. Karikatuur van Bizuth (H; Olyff) in L' Ane Roux, nr 90, p.8. (Koninklijke Bibiotheek Brussel) in Le Parlement au fil de l'histoire 1831-1981, Brussel, 1981, p. 44.
Uit: Stap voor stap, p. 52
stemt voor de socialisten: Uit Cherchez la femme , p. 26.
|