‘De vrouwen moeten lef hebben'
De LEF CAHIERS
De Lefcahiers verschenen van 1977 tot 1981 op initiatief
van LEF, het Links Feministisch Collectief opgericht door Chantal De Smet. De
stichtende leden van LEF, allen actief in de vrouwenbeweging hadden het gevoel
dat het vuur van de vroege jaren zeventig er een beetje uit was. "De
oorspronkelijke kombativiteit taande langzaam weg: van middel werd de beweging
doel. Van permanente kritische prikkel verwierd zij tot een zichzelf sussende
beweging.(...) De oorzaken van het proces zijn van maatschappelijke,
sociaal-ekonomische politieke en zelfs psychologische aard. Maar ook bij de
vrouwen zelf ligt de fout: het heeft de vrouwenbewegingen steeds aan degelijk
studiemateriaal, aan echte informatie en zelfs bezinning ontbroken. Na zeven
jaar aktie is de tijd van studie, ook als voorbereiding en aanleiding tot
doeltreffende aktie, aangebroken.Hierin zien wij onze taak" (De
vrouwen moeten lef hebben. Ons uitgangspunt van 1977.
Visietekst LEF, bijlage bij de herwerkte druk van lef 1 in 1980. p. 6.)
LEF had de ambitie een discussiegroep en denktank te zijn.
De Lefcahiers gaan uit een marxistisch socialistische ideologie en proberen een
wetenschappelijke basis te bieden aan "actuele en controversiële onderwerpen
uit de vrouwenbeweging". Met de wortels stevig in de socialistische beweging
wil LEF werken aan een alternatieve maatschappij: "Ons uitgangspunt is
namelijk dat de situatie van vrouwen niet toevallig is wat zij is. Zij vindt
wel degelijk haar gronden in deze maatschappij die onvrij is, onderdrukkend en
uitbuitend." (De
vrouwen moeten lef hebben. Ons uitgangspunt van 1977.
Visietekst LEF, bijlage bij de herwerkte druk van lef 1 in 1980. p. 6.)
Heel wat van de bekende namen waren lid van het
Lefkollectief, actieve feministes die vaak ook in andere vrouwenorganisaties
actief waren. Zo waren onder andere Monika Abicht, Chantal De Smet, Lydia
Deveen-Depauw, Rita Mulier, Catucha Oukhow, Roos Proesmans, Ingrid Stasse,
Marijke van Hemeldonck en Renee van Mechelen actieve Lefleden.
De cahiers waren regelmatig verschijnende themanummers.
Van 1977 tot 1981 verschenen er acht nummers waarin allerlei feministische
hangijzers besproken werden. In het eerste nummer, je huishouden, je leven?,
werd de positie van de huisvrouw ter discussie gesteld. Nummer twee stelde
feministische vragen rond kinderopvang, in nummer drie werd ‘arbeid ervaren
door vrouwen' met het nodige lef geanalyseerd. Het gebundeld nummer 4 en 5
exploreert de andere leefvormen: Leven met 1,2,3 en meer. Lef 6
onderzoekt met een genderaanpak avant la lettre de geestelijke gezondheid van
mannen en vrouwen. Nummer 7 handelt ‘over vrouwen & kunst & kreativiteit en het laatste
nummer bijt zich vast in mannen.
De cahiers ademen tweede golf. Ze bestaan uit een mengeling
van wetenschappelijke artikels, weergaven van ronde tafeldiscussies onder
feministen, citaten uit krantenartikels en fragmenten uit advertenties. Voor de
lezer vandaag zijn ze vooral een historisch document. Ze geven een beeld van
de thema's en meningen van de Vlaamse feministen tijdens de tweede golf. In dat
opzicht zijn de Lefcahiers uniek. Vooral de vaak zeer openhartige ronde
tafeldiscussies geven een inkijk in hoofden van de Vlaamse feministes en de
wereld waarin ze leefden. Een wereld die, mede dankzij hun acties, gelukkig al
wat veranderd is. Zo lezen we tot onze ontzetting dat de Bond zonder Naam nog
in 1980(!) campagne voerde tegen de werkende vrouw met de spreuk: "Moeder
thuis, we hebben je nodig" met keerzijde tekst: "minderjarigen lopen weg omdat
ze geen thuis meer vinden. Instellingen voor jongeren zitten barstensvol." Al is de gelijkheid tussen man en vrouw
verre van gerealiseerd, na het lezen van de lefcahiers beseffen we opgelucht
dat we in die dertig jaar tijd toch al een heel eind opgeschoten zijn.
De volledige reeks Lefcahiers is beschikbaar in de RoSa
bibliotheek.
Illustratie:
Cover Lef
nr3. arbeid ervaren door vrouwen, Gent: Masereelfonds, 1979.
|