Alla Nazimova (1879-1945)
Geboren in het Oekraiense Jalta als Mariam Edez Adelaida Leventon, groeide Alla Nazimova uit tot flamboyante steractrice van de Amerikaanse stille film en van het Broadway theater, bekend om haar voorliefde voor vrouwelijk schoon.
Na een moeilijke jeugd en verblijven in pleeggezinnen, volgt Mariam acteerlessen bij niemand minder dan theatertopper Stanislavski. Mariam verandert haar naam in 'Alla Nazimova', naar een heldin uit de Russische literatuur.
Op haar vijfentwintigste is Alla reeds een grote naam in Moskou, is ze getrouwd met een medeacteur - van wie ze niet veel later zal scheiden -, en toert ze met haar theatergezelschap en haar minnaar Pavel Orlenov door Europa en de VS. Als haar gezelschap terugkeert naar Rusland, besluit Alla in New York te blijven om Broadway te veroveren.
Dat lukt haar al snel: schrijver en producent Henry Miller lanceert haar op Broadway en het New Yorkse publiek is dol op haar. In 1916 maakt ze haar debuut op het witte doek met de stomme film War Brides. Drie jaar en elf films later is ze een van de best betaalde actrices ter wereld. Alla staat bekend als vurige, stijlvolle en excentrieke tragedienne in de rollen van sensuele en vrijgevochten vrouwen. Haar bekendste films zijn Camille en The Red Lantern, waarvan de oorspronkelijke pellicule in het bezit is van het
Koninklijk Filmarchief in Brussel.
Acteren alleen is echter niet voldoende voor deze ondernemende dame. Al snel brengt ze haar eigen producties uit, zeer gedurfde en experimentele films. Met Salomé (1923), gebaseerd op een toneelstuk van Oscar Wilde, stoot ze op weerstand van het publiek en de recensenten wegens 'schandaleus'. Alla bleek haar tijd ver vooruit want de film wordt vandaag geroemd om
zijn vernieuwende en artistieke waarde. Zo goed als bankroet keert ze terug naar het theater waar ze opnieuw succes oogst. Pas in de jaren 40 maakt ze een korte terugkeer naar de film in bijrollen.
|
Over Nazimova's liefdesleven is veel gespeculeerd. Het gerucht ging dat ze relaties had met de eerste en ook de tweede vrouw van
acteur Rudolph Valentino: actrice Jean Acker en kostuumontwerpster Natacha Rambova. Ook schrijfster Mercedes de Acosta, regisseur
Dorothy
Arzner, en Dolly Wilde (nicht van) werden aan Alla gelinkt.
Zeker is dat ze tien jaar lang een verstandshuwelijk had met de homoseksuele acteur
Charles Bryant.
Op die manier wilde ze de geruchten over haar seksuele voorkeur de
kop indrukken; in die tijd was een publieke outing immers schadelijk
geweest voor haar carrière.
Vanaf 1929 woont ze samen met haar vriendin, actrice Glesca Marshall. Het koppel staat bekend om de glamoureuze feestjes die ze organiseren, en waar veel bi- en lesbische vrouwen op afkomen. Nadat ze borstkanker heeft overleefd, sterft Alla in 1945 aan trombose. Glesca en Alla zijn al die tijd een hecht koppel gebleven.
Meer weten?
In de RoSa bibliotheek vind je interessante boeken over lesbo's en film/theater: Vampires & violets : lesbians in the cinema (GIV2a/0136); Hollywood lesbians (T/0491); A feminist reader in early cinema (GIV2m/0077); UnInvited : classical Hollywood cinema and lesbian representability (GIV2a/0287); The sewing circle : Hollywood's greatest secret : female stars who loved other women (GIV2a/0392)
Een kijkje nemen in de RoSa collectie? Bezoek de online catalogus onder de trefwoorden actrices, lesbische vrouwen, holebi, films, theater
terug naar intro
| |
|
|